Image Map

Het woord therapie gebruiken we Nie!

Een van de cliënten van de afdeling waar ik werk, heeft geen zin in therapie, volgens zijn zeggen is hij niet ziek en heeft hij dus ook geen therapie nodig. Nu is mijn instelling dat therapie voor een ieder (die opgenomen is) van belang kan zijn. Al is het maar om even je gedachten te verzetten (en dus niet te blijven malen over de problemen die jou op dat moment bezig houden), andere mensen te ontmoeten (dus aan je sociale netwerk te werken) of gewoon omdat het leuk is en je er altijd wel iets van leert.

Ik was al vaker met deze cliënt in gesprek geweest, maar hoe ik het ook bracht, hij bleef weigeren om naar therapie te gaan. Hij was als het ware een beetje allergisch voor het woord therapie, want zodra ik dat woord gebruikte, voelde ik bij hem meteen weerstand, hij was immers niet ziek en had dus geen therapie nodig. Op een ochtend was ik weer met hem in gesprek en ik vroeg hem of hij ook hobby’s had. Hij vertelde mij dat hij eigenlijk geen hobby’s had, omdat hij altijd met zijn werk bezig was geweest (zo’n 60 uur per week).

Dus ik vroeg hem wat hij leuk vond om te doen, of waar zijn interesses lagen. Hij vertelde mij dat hij groot fan was van een zanger en dat hij bijna al zijn liedjes uit zijn hoofd kende.

Dit gaf mij een ingang, ik vertelde hem dat wij een muziek-activiteit in ons programma hadden en vroeg hem of hij daar wel eens aan had deelgenomen. Hij zei dat hij daar wel eens was geweest, maar dat het niet zo zijn ding was. Toch vroeg ik hem of hij zin had om met mij de volgende dag naar deze muziek–activiteit te gaan. Hij wist het nog niet, maar zou er eens over denken.

De volgende dag ging ik naar zijn kamer en zei ik dat ik hem kwam halen om mee te gaan naar de muziek–activiteit. Hij vertelde mij dat hij niet zo’n zin had en liever op bed bleef liggen (hij was overigens wel gewoon aangekleed). Ik vroeg hem toch met mij mee te komen, ik zei: “We gaan gewoon een kijkje nemen, we lopen binnendoor dan zijn we er binnen vijf minuten, vind je het dan niets, dan kun je ook meteen weer weg en ben je tien minuten later weer terug op de afdeling.” Zo gezegd zo gedaan en vijf minuten later stapten we het muziek–therapie lokaal binnen. De muziek therapeut was uiterst verbaasd, ze kende de cliënt goed van gezicht, want deze was al vaker bij ons opgenomen geweest, alleen had zij hem in al die jaren nog niet één keer bij de muziek–therapie mogen verwelkomen.

Voordat de therapeut iets kon zeggen, het was immers belangrijk dat zij niet het woord therapie in de mond zou nemen, zei ik: “Dit is onze cliënt en hij houdt erg van zingen, dus daarom heb ik hem meegenomen naar deze muziek–activiteit.” De therapeut speelde er prima op in, ze hete de cliënt van harte welkom, ze vertelde dat ze eigenlijk met trommels had willen beginnen, maar ze gooide het programma om en we begonnen met zingen. Onze cliënt vond het prachtig en bleef het hele uur (ik bleef ook de hele activiteit, ter ondersteuning zodat onze cliënt zich niet alleen tegenover de groep voelde staan, maar een maatje had ), zelfs toen halverwege het uur het programma werd omgezet in een trommel- activiteit. En wat onze cliënt betreft, hij stond een maand later in het Theater, waar hij diverse liedjes van zijn idool ten gehore bracht.